De tempel [3]

ingrijpende verbouwing van de tweede tempel door Herodes

Jeruzalem, wie kent die stad niet? De stad van koning David. En wie kent niet de foto’s van joodse mannen biddend bij de Klaagmuur? Wat is de Klaagmuur eigenlijk? En hoe komt het dat er nog maar één stuk muur is van de eens zo grote en schitterende tempel?

De tempel

In het jaar 63 voor Christus nemen de Romeinen de stad Jeruzalem in. Vanaf nu zijn de Romeinen heer en meester in heel Israël. In 37 voor Christus regeert koning Herodes over Judea. De koning is berucht om zijn wreedheid. Om bij het Joodse volk in de gunst te komen laat hij de tempel van Zerubbabel in Jeruzalem  ingrijpend verbouwen.

Koning Herodes begint in 19 voor Christus met de aanleg van een enorm tempelplein. Het plein wordt omsloten met een massieve muur. Op het plein verrijst een blinkend wit tempelgebouw afgewerkt met zuiver goud. Daarna worden de omringende voorhoven aangelegd; het voorhof der priesters, het voorhof der mannen, het voorhof der vrouwen en het voorhof der heidenen. Het tempelterrein wordt omgeven door een overdekte zuilengang. Het tempelgebouw wordt 50 meter hoog. In 64 na Christus is de verbouwing van de tempel van Zerubbabel door Herodes klaar. Vergeleken met de tempel van Salomo is deze ingrijpend verbouwde tempel de grootste en de allermooiste.

De Heere Jezus in de tempel

Het is in deze door Herodes verbouwde tempel dat de Heere Jezus door Maria en Jozef wordt voorgesteld aan de priesters. Zij laten zoals voorgeschreven is een paar tortelduiven of twee jonge duiven offeren op het brandofferaltaar in het voorhof der priesters.

Als de Jezus twaalf jaar oud is, gaat Hij voor de eerste keer met Jozef en Maria mee naar de tempel in Jeruzalem om het pascha te vieren. Op deze leeftijd wordt een Joodse jongen ‘zoon van de wet’ genoemd. Als het feest is afgelopen keren Jozef en Maria terug naar Nazareth. Zij denken dat Jezus tussen de andere mensen loopt. Maar als zij Hem niet kunnen vinden, keren ze terug naar Jeruzalem. Na drie dagen vinden ze Jezus in de tempel tussen Wetgeleerden en Schriftgeleerden die verbaasd staan van Zijn grote wijsheid. Als Maria haar Zoon bestraft, zegt Jezus: “Wat is het, dat gij Mij gezocht hebt? Wist gij niet, dat Ik moet zijn in de dingen Mijns Vaders?”

Jaren later drijft de Heere Jezus met een gesel van touwtjes alle handelaren met hun schapen en ossen de tempel uit en de tafels van de geldwisselaars omkeert terwijl Hij zegt: “Neem deze dingen vanhier weg; maakt niet het huis Mijns Vaders tot een huis van koophandel.”

Vele malen is de Heere Jezus tijdens Zijn leven in de buitengewoon mooie tempel van Herodes geweest. Immers iedere Israëlitische man moest volgens de wet van Mozes drie keer per jaar naar de tempel om er het pascha, het loofhuttenfeest of het feest der weken (Pinksterfeest) te vieren. Vaak heeft de Heere Jezus er ook gepreekt tot de luisterende scharen.

De toekomst voorspeld

Wat genieten de discipelen van het uitzicht vanaf de Olijfberg. Voor hen ligt de stad van koning David te schitteren in het zonlicht. De sterke stadsmuren, de stadspoorten, de paleizen, de vele huizen en hoog daarboven uit het indrukwekkende tempelgebouw. Maar de Heer Jezus weent. Straks zullen de mensen van Jeruzalem het roepen: “Kruis Hem, kruis Hem!”. Om er de verschrikkelijke woorden bij te voegen: “Zijn bloed kome over ons en over onze kinderen.” De Joden verwerpen met deze woorden de vrede. Nog erger, de Joden verwerpen hiermee de Vredevorst. Begrijp je de tranen van de Heere Jezus?

De straf op deze woorden is gekomen. De straf die de Heere Jezus al voorspeld had: “Wat deze dingen aangaat, die gij aanschouwt, er zullen dagen komen in welke niet een steen op den anderen steen zal gelaten worden, die niet zal worden afgebroken.”

De verwoesting van Jeruzalem

De spanningen tussen de Romeinse overheersers en de Joden nemen meer en meer toe en leiden tot een opstand in het jaar 66 na Christus. Moedig bieden de Joden tegenstand tegen het geweldige Romeinse leger dat de stad Jeruzalem omsingeld heeft. De Joden verliezen wijk voor wijk totdat in het jaar 70 heel de stad in handen van de Romeinen is. Uitgezonderd de tempel. Vele inwoners van Jeruzalem zijn gedood. De huizen en gebouwen zijn verwoest.

Vastberaden weigeren de laatste Joden zich over te geven. Dan zetten Romeinse soldaten tegen de wil van hun generaal Titus de mooie tempel in brand. Al het houtwerk wordt in brand gestoken en er worden zelfs brandende fakkels in het heilige geworpen. Ondertussen roven de Romeinse soldaten alle kostbaarheden uit de tempel. Het duurt niet lang of de eens zo mooie tempel is één brandende puinhoop. Het enige dat overblijft is een stuk westelijke buitenmuur, de Klaagmuur.

 

Weet je dat…

  • Koning Herodes veel grote bouwwerken in Israël heeft laten bouwen?
  • het tempelplein 140.000 vierkante meter is?
  • de stad en de tempel werden verwoest door 70.000 Romeinse soldaten?
  • de tempel van Zerubbabel en de ingrijpende verbouwing door Herodes allebei de ‘tweede tempel’ worden genoemd?