1967 Zesdaagse Oorlog


Begin mei 1967 lijkt het er niet op dat er rond de staat Israël iets bijzonders zal gaan gebeuren. Wel worden er nog steeds kibboetsen vanuit Syrië onder vuur genomen. Wel is er een verdedigingsverdrag tussen Syrië, Jordanië en Egypte. Wel zijn er de Russen die valse berichten verspreiden over een Israëlisch leger, dat zich bij de noordgrens van het land zou bevinden. En dat Israël Syrië wil binnenvallen. De spanning is dus wel toegenomen…

   Israëlische parade   

Op 15 mei viert Israël zijn Onafhankelijkheidsdag. Negentien jaar eerder werd de Joodse staat uitgeroepen. Op deze dag is er in Jeruzalem een grote militaire parade. Maar dit keer laat Israël het vertonen van zware wapens achterwege. Geen tanks, pantserwagens of vliegtuigen! Alleen maar om de goede wil te tonen richting de Arabieren. En om ze niet uit te dagen.
Veel helpt het niet. De Arabische leiders, Nasser voorop, beweren dat die ontbrekende wapens dan wel op een geheime plaats zullen zijn. Natuurlijk om acties tegen de Arabieren te ondernemen!

   Stappen van Nasser   

Vanuit Egypte komen onheilspellende berichten. Militaire colonnes steken het Suezkanaal over naar de Sinaï. Nasser heeft immers uit Moskou vernomen dat Israël Syrië wil veroveren? Arabische radiozenders beginnen te schelden tegen Israël. Er ontstaat grote opwinding. Nog erger wordt het op 16 mei. Nasser beveelt de ‘vredesmacht’ van de VN de Sinaï te ontruimen. En dat gebeurt ook; de VN ziet geen mogelijkheid om hier tegenin te gaan. Nasser vindt het allemaal prachtig. Hij ziet een geweldige rol voor zich weggelegd op het wereldtoneel. Hij doet zijn stappen voorzichtig, maar beslist.

Op 22 mei komt Egypte met de mededeling dat de Golf van Akaba voor Israëlische schepen wordt afgesloten. Dit bericht slaat in als een bom. Israël kan nu geen olie meer aanvoeren naar de haven van Eilat. En hiervandaan loopt een pijpleiding naar Europa, dat ook door de blokkade zal worden getroffen! Handel met en ontwikkelingshulp aan Afrika en Azië (via de Rode Zee) worden onmogelijk gemaakt. Het is een regelrechte aanval op de economie van Israël. Beter: een oorlogsverklaring!
In Caïro zijn de mensen uitzinnig. Poppen, die Israël moeten voorstellen, worden aan de galg gehangen. Volgens Nasser kunnen de Joden oorlog krijgen als ze dat willen.

   Israël staat alleen...   

De VN vergadert wel, maar er worden geen besluiten genomen. Sommige afgevaardigden vragen zelfs: waarom zijn we hier eigenlijk? De westerse landen laten Israël dus in de steek. Zelfs op Frankrijk kan men niet meer vertrouwen! Het is duidelijk: Israël moet zélf handelen. Zeker nu Nasser beweert dat hij terug wil naar de toestand van vóór 1948. En iedere Jood weet wat dat betekent: een nieuwe landkaart waarop de aanduiding ‘Israël’ ontbreekt…

Begin juni staat er een sterke Egyptische troepenmacht met honderden tanks aan de zuidgrens van Israël. Ook Syrië en Jordanië bewapenen zich. En uit andere Arabische landen wordt hulp geboden: Irak, Libanon, Algerije, Marokko, Libië, Soedan. Een kwart miljoen soldaten tegenover 100.000 Israëli’s. En ook wat betreft tanks en militaire vliegtuigen zijn de Joden ver in de minderheid. Ze zullen, als het oorlog wordt, moeten vechten tegen een grote overmacht. David tegen Goliath!

   Verrassingsaanval   

Het enige wat Israël kan doen is: met een bliksemactie de eerste klap uitdelen. En dat gebeurt op 5 juni. Egypte voert vanaf de Gazastrook beschietingen uit op dorpen in Israël. Dan slaan de Joden terug. En hoe! De wereld is verbijsterd. Nog voor het middaguur is de Egyptische luchtmacht vrijwel vernietigd. Honderden gevechtstoestellen zijn onherstelbaar beschadigd vóórdat ze hebben kunnen opstijgen. De piloten waren net aan hun ontbijt, toen ze door de Israëlische vliegtuigen, van onder de radar vandaan, werden verrast.

Ook de luchtmacht van Syrië lijdt zware verliezen. Koning Hoessein van Jordanië krijgt te horen dat de Egyptenaren grote successen hebben geboekt. Valse informatie! Maar dat weet hij niet. Hij besluit ook aan de strijd deel te nemen. Israël heeft de grootste moeite om de Jordaniërs van zich af te schudden.