Tabor

Grens van drie stammen

De Tabor ligt in het noorden van Israël, bijna 20 kilometer ten zuidwesten van het meer van Tiberias. De ‘berg’ is 560 meter hoog en ligt aan de rand van de vlakte van Jizreël. Je verwacht de berg eigenlijk niet in dit landschap. De Tabor rijst daar zomaar op vanuit het niets. De berg, eigenlijk meer een heuvel, is daarom vanaf grote afstand te zien. In het westen is de berg, verbonden door een smalle bergrug met de Heuvels van Nazareth.

In de Bijbel is de Tabor de grens van de stammen Naftali, Zebulon en Issaschar. Het was een prachtige uitkijkpost. In Richteren 4 is het ook de plaats waar het leger van Debora en Barak zich verzamelde.

Berg der verheerlijking?

De Tabor wordt in het Nieuwe Testament niet genoemd. Toch wordt de Tabor vaak beschouwd als de berg van de verheerlijking van Jezus (Matth. 17). Dat moet een eenzame plaats zijn geweest. In de tijd van Jezus lag echter op de top van de Tabor een stad. Velen denken daarom dat deze gebeurtenis heeft plaatsgevonden op de hogere berg Hermon. Deze ligt in de buurt van Caesarea Filippi. En in deze streek was Jezus met Zijn discipelen kort daarvoor geweest (Matth. 16:13). Maar heel belangrijk is dit niet. De Tabor is al een heel lange tijd een heilige plaats voor mensen. Rond 2000 voor Chr. maakten de Kanaänieten er een altaar of een heiligdom om Baäl te aanbidden. Maar ook de Israëlieten zelf hebben zich hier aan afgoderij schuldig gemaakt, zoals je kunt lezen in Hoséa 5:1.

Adembenemend uitzicht

Aan de voet van de berg ligt het plaatsje Daburiya. In de bijbel heet het Dobrath (Jozua 19:12). Hier vandaan kun je met de taxi langs een weg met veel haarspeldbochten naar de top van de Tabor. Daar staan tegenwoordig twee kerken: de Grieks-Orthodoxe kerk van Elia, gebouwd in 1911 en de Franciscaner basiliek. Deze is in 1924 gebouwd van lichtgekleurde kalksteen.

Deze berg wordt omgeven door een van de meest vruchtbaarste landbouwstreken van Israël. De berg zelf wordt hier echter niet voor gebruikt. De Tabor biedt een prachtig uitzicht over deze valleien. Bij helder weer kun je in het westen de Karmel zien, in het oosten de bergen van Basan. En niet te vergeten: de met sneeuw bedekte top van de Hermon. Je moet dan natuurlijk denken aan de woorden van Psalm 89: “Tabor en Hermon juichen in Uw Naam”.