Mus

Is er een bekendere vogel dan de mus? Ook in het land van de Bijbel kwam dit dier voor. Sommige mussen houden van mensen in de buurt, zoals dat ook bij ons bekend is. Maar een andere soort zie je in het binnenland. Dat is de Spaanse mus, een trekvogel, die in Afrika en Arabië overwintert. Heel anders dus dan de voor ons bekende huismus, die we gewoon in de sneeuw zien trippelen.

Vogeltje

In de Bijbel wordt de mus ongeveer zevenmaal genoemd. En, net als bij de arend, doet zich ook hier een moeilijkheid voor bij het vertalen. Op deze plaatsen staat vaak het Hebreeuwse woord tzippor. Dat betekent: ‘fluiter’ of ‘tjilper’. Dit is de ene keer weergegeven met “mus”, de andere keer met “vogeltje” (Pred. 12:4). In de laatste tekst wordt verteld dat, als iemand ouder wordt, hij opstaat “op de stem van het vogeltje”. Dat kan betekenen, dat hij dan minder goed slaapt. En vaak al wakker wordt als ’s ochtends de vogels beginnen te zingen. Het woord tzippor betekent dus in het algemeen een vogeltje, dat niet per se een mus hoeft te zijn!
De vogel, die volgens Ps. 84:4 een nest maakte in het voorhof van de tabernakel is, lijkt ons, wél een mus geweest. Deze dieren houden immers van een omgeving waar ook mensen zijn. Mussen zijn vaak met vele tegelijk te zien, ze leven in troepen en houden van gezelschap. De “eenzame mus” uit Ps. 102:8 is dan ook waarschijnlijk een heel andere vogel geweest.

Goedkoop voedsel

Mussen zijn er in overvloed en dat was ook zo in Bijbelse tijden. Jezus zegt dat je voor een paar geldstukjes vijf mussen kunt kopen (Matth. 10:29). En toch, hoewel er zoveel van die vogels zijn, zal God er niet één van vergeten!
Ook als voedsel dienden mussen. Er waren genoeg arme Joden die deze goedkope dieren niet versmaadden. Als de akkers waren gemaaid verzamelden zich daar veel mussen. Die werden dan met een net gevangen en op de markt verkocht. Van zo’n ‘vogelvangersnet’ lees je ook in Ps. 124:7. De dichter wil hier zeggen dat hij maar ternauwernood aan het gevaar is ontsnapt.

In de tijd van het Nieuwe Testament heette de hoofdstad van Galilea: Tzippori. Deze stad komt in de Bijbel niet voor. De naam ervan zegt al dat deze iets met ‘vogel’ te maken heeft. Als je die stad namelijk vanuit de verte bekeek, leek het net een vogel die op een bergtop zit.
En je snapt zeker al dat de naam Zippora (de vrouw van Mozes) ook ‘vogeltje’ betekent. Ook nu nog is Tzippi een bekende meisjesnaam in Israël.